Ons Cactus redactieteam zwiert hier na elke concert hun bevindingen op het wereldwijde Cactusweb. Live reviews en sfeerverslag, vers voor u geserveerd!
Vorig jaar nog in allerijl als waardige vervanger van Joss Stone opgetrommeld, dit jaar met de grote trom binnengehaald als volwaardige headliner op zaterdagavond. Ja, het botert wel tussen Jamie Lidell en het Cactusfestival. Breedlachend grijnst de man het Minnewaterpark toe: 'Sure good to see you!'
Eerder op de avond had de man reeds de voor Prince vollopende Werchterwei mogen entertainen. Dat bleek helemaal geen slechte zaak, want goed opgewarmd om het ietwat krappe laatste timeslot van de dag te vullen treuzelen Lidell en zijn band niet en zetten het op een funky medley waarin zowat zijn hele oeuvre aan bod komt. Een oeuvre dat zo stilaan al op aaneenrijging van hits begint te lijken als we op het meelippen, meezingen, meebrullen en mee-'ooooooooh'-en van het publiek mogen afgaan.
De sympathieke soulkeizer treedt vanavond aan met een nieuw album, een nieuwe band, en zo ook nieuwe versies van oude nummers en vernieuwd spelplezier, altijd mooi om te zien. Lidell kiest duidelijk constant voor vernieuwing zowel live als op plaat. De nieuwe nummers blijken live gerust naast de oudere kleppers te kunnen gaan staan, dat wordt al vlug duidelijk met een uitgesponnen en überfunky 'I Wanna Be Your Telephone' en de single 'Enough's Enough'. Zoals we van hem gewend zijn doet hij elk optreden graag ook nog solo als beatboxer met zijn sampler eens zijn eigen ding. De Old School Lidell discotheek tekende voor extreem dansbare momenten!
Enige halve misser van dit optreden was misschien de futuristische moeilijkdoenerij van 'When I Come Back Around'. Maar wie dan weer terugslaat met nummers als 'Multiply' en 'Little Bit Of Feelgood' kan toch op enthousiasme en wat teddyberen rekenen ('I’m gonna sleep so much better with this!').
'Another Day' is het verwachte orgelpunt en wordt acapella samen met het publiek nog een keer opgeflakkerd en vervolgens zachtjes uitgedoofd. Lidell mag daarna solo nog één keer het podium op om het einde van de festivaldag treffend te typeren: 'Music Will Not Last'!
Geen sprake van drums en 'Alison' en 'Shipbuilding' weerklonken niet op de wei (tijdsgebrek, wellicht) en toch was de passage van Elvis Costello (met hoed) meer dan geslaagd. Samen met The Sugarcanes, de zeskoppige akoestische begeleidingsband waarmee hij de vorig jaar verschenen countryplaat 'Secret, Profane & Sugarcane' opnam, liet Costello horen dat je meer dan waardig ouder kan worden en geen schrik hoeft te hebben om country te versmelten met een vleugje gospel en klezmer.
Het van 'Secret, Profane & Sugarcane' afkomstige 'Complicated Shadows' was een perfecte binnenkomer. Dat de aanpak met akoestische gitaar, dobro, viool, accordeon, mandoline en contrabas klopte, bleek ook toen het oudere 'New Amsterdam' naadloos verweven werd met 'You've Got To Hide Your Love Away' van The Beatles. Een hoogtepunt. Net als het kersverse 'Jimmie Standing In The Rain' dat Costello, tijdens een overvloedige regenbui, aankondigde met de woorden: 'I hope you can relate to it'.
Nog een mooi moment: country-singer-songwriter Jim Lauderdale die meezong tijdens 'Friend Of The Devil', een song van The Grateful Dead. Een uitgesponnen versie van de klassieker 'I Want You' en het van Keith Richards geleende 'Happy' zetten de kers op de taart. Knap vakmanschap van een klasbak.
K's Choice mocht onlangs een gouden plaat in ontvangst nemen voor de verkoop van meer dan 15000 exemplaren van de dubbel-cd 'Echo Mountain'. Een duidelijk bewijs dat de band van Sarah en Gert Bettens tien jaar na 'Almost Happy', het vorige studio-album van de groep, niets aan populariteit heeft ingeboet.
Het recept – vlot verteerbare en soms wat melige fm-rock, geweven rond het hese stemgeluid van Sarah Bettens- is onveranderd gebleven en blijkt nog altijd een volle festivalwei te bekoren. Tijdens prijsbeest 'Believe', al heel vroeg in de set, gingen de handen op elkaar en het bleef niet bij dat ene meeklapmoment.
De recente single 'Come Live The Life' misstond niet tussen ouder werk en een opwindende versie van 'Not An Addict' bewees dat de ninetiesklassieker de tand des tijds moeiteloos heeft doorstaan. K's Choice is anno 2010, en bijgestaan door twee nieuwe krachten (toetsenist Reinout Swinnen en de straffe gitarist Thomas Vanelsander), nog steeds een huis van vertrouwen. Sommige songs klonken misschien inwisselbaar maar tijdens het ingetogen 'Killing Dragons' kleurde de groep met verve buiten de gebruikelijke format. Een degelijke performance van een sympathieke band.
Sommige besprekingen kan je eigenlijk al bijna op voorhand schrijven. Neem een groep die grossiert in goed in het oor liggende zuiderse wereldmuziek, voeg goed weer toe en een publiek dat zin heeft in een feestje en je hebt vuurwerk. Vorig jaar zette Babylon Circus het minnewaterpark hier op zijn kop, nu is het de beurt aan Balkan Beat Box.
Balkanmuziek is slechts het uitgangspunt van deze onder stoom staande bende uit New York. Geheel trouw aan hun stad maken ze er een echte 'melting pot' van waarin ook dancehall, surfgitaren, hiphop, trance, banghra en zelfs de finse groep Värttina vermalen worden. De truken van de foor hoeft men hen ook niet meer uit te leggen. Om te beginnen zorgen ze voor opzwepende percussie-duels, een koperblazersectie en MC Tomer Yosef die de boel als geen ander in lichterlaaie kan zetten. Aangezien slechts weinig mensen écht hun muziek kennen worden in de setlist vervolgens de grootste kleppers voor het begin en het eind opgespaard. Tussendoor een aantal iets mindere songs waarin men het publiek klanken laat meezingen en blijft opzwepen tot het klapt en danst. En dan natuurlijk ook nog het obligate lied voor de meisjes, die bij de uitsmijter nog massaal op het podium worden toegelaten om de euforie nog wat meer aan te dikken. Het recept is bekend, de uitvoering was goed. We dansten, feestten en zweetten dat het een lieve lust was. En volgend jaar staat er vast weer zo'n groep die de dreigende regen terug de wolken inspeelt.
De dagtickets voor Cactusfestival op zaterdag zijn volledig uitverkocht. Voor het zondag-programma zijn er echter morgen wel nog volop tickets aan de ingang te verkrijgen. Ook Jong-Bloed-tickets (voor 13- en 14 jarigen) voor zaterdag en zondag blijven te koop aan de ingang.
De bal ging aan het rollen toen Gilles Peterson José James oppikte in zijn Worldwide-show en sindsdien is zijn ster rijzende aan het firmament van de hedendaagse jazz singers. Twee solo-albums en een geslaagde samenwerking met onze eigenste Jef Neve later komt de New Yorker met zijn Blackmagic Tour Cactusfestival laten proeven van een eigenzinnige versie van zichzelf.
Gedurfd is het alleszins wel, een jazzoptreden op een rockfestival. Want een jazzoptreden, dat werd het, met ruimte voor improvisaties van alle muzikanten. Het is de verdienste van alle muzikanten dat zij het publiek, naarmate het optreden vorderde, geboeid wisten te houden. Met een hoofdrol natuurlijk voor mister James himself die met zijn eigen satijnen stem vocaal zo weet te overdonderen. Ook ritmisch is hij een echte virtuoos wanneer hij zijn eigen songs remixt in de stijl van een aantal van zijn grote voorbeelden. We hoorden hem onder meer de londense dubstep scene, Moodymann en Flying Lotus namedroppen. Ongelofelijk te zien hoe hij met zijn stem freestylet en zelfs remixt maar toch constant de controle over het geheel behoudt.
Hijzelf vindt het festival duidelijk ook wel ok, dat is te merken aan zijn brede glimlach, het spelplezier dat van iedereen afspat en dat er nog een bisnummer afkan. ,Was het dan allemaal koek en ei? Net niet, daarvoor gingen er net té veel songs over hetzelfde (jawel: smooth, sensual, women ...), diende de toevoeging van Jordana de Lovely in de tweede helft van het optreden nu ook tot zoveel niet en was het echt niet nodig na bijna ieder nummer de muzikanten voor te stellen. Maar een kniesoor die daar natuurlijk over valt. Wij onthouden vooral die prachtige stem en de buitenaards mooie improvisatie op de Rhodes tijdens 'Park Bench People' van virtuoze toetsenist Grant Windsor.
Onder alweer een blauwe hemel en verzengende temperaturen van rond de 30° breekt een nieuwe cactusfestivaldag aan. Een bonte smeltkroes op het programma vandaag met stevig snijdende rock, soulvolle jazz en een blik balkanmuziek. Het minnewaterpark is een lappendeken van schaduw en licht waarbij vooral de schaduwgedeeltes ingekleurd worden door een bonte mengeling muziekliefhebbers.
Balthazar mocht als belgische band meteen stevig van wal steken en deed dat met verve. De band heeft met hun nieuwe plaat 'Applause' en hun opgedane podiumervaring duidelijk 2 stevige troeven in hand om het publiek mee te trekken en dat lukte al aardig op dit vroege uur. Little Dragon was een dubbeltje op zijn kant. De meer uptempo nummers maken wel wat emotie los bij het publiek - tot de hucklebuck toe alstublieft - maar het overgrote deel van de aanwezigen zet het vooral op een jolig 'loungen' en 'chillen'. De tribal beats van het slotnummer doen het optreden wel in schoon- en dansbaarheid afronden.
Hoofddeksels allerhande ondertussen, iedereen probeert op zijn manier de zonneslag te vermijden en het redneck-gehalte zo laag mogelijk te houden. Het Orchestra International du Vetex bereidt ondertussen op geslaagde wijze offstage alvast het Balkan Beat Box feestje van straks voor.
Samen met Black Mountain komen er eindelijk enkele wolken opzetten. De beloofde lawine van lawaai blijft aanvankelijk uit, maar de potige bluesrock van de Canadezen is best aanlokkelijk en zwelt gestaag aan.
Uitkijken naar nu naar José James de sfeermakers van Balkan Beat Box!
Presentator Nick Balthazar kondigde het optreden van de Canadese band Black Mountain aan als een geestesverruimende ervaring en een bergketen van 1000 decibels maar de set van de groep rond Stephen McBean (een fantastische gitarist) en Amber Webber (een bedeesde zangeres met een straffe stem) schoot niet als een lawine uit de startblokken. 's Middags spelen: geen makkelijke opdracht voor een band die het best tot zijn recht komt bij valavond, of nog beter: in een zaal.
'No Hits', zo heet één van de songs van het zelfgetitelde debuut van Black Mountain uit 2005. Vat de songtitel gerust op als een intentieverklaring want Stephen McBean en de zijnen dienden op Cactus geen opgewarmde kost op. Wel een eigenzinnige en dwarse doorsnede van die debuutplaat, opvolger 'In The Future' (één van dé albums van 2008) en het in september te verschijnen 'Wilderness Heart'. De drive op Cactus was minder groots en bezwerend dan we op voorhand gehoopt hadden maar naarmate de set vorderde, kwam er meer vuur in de psychedelische mix van indie stonerrock, epische progrock, trippy moogpartijen en trefzekere seventies gitaarriffs. Afsluiter 'Stormy High' (de sterke openingstrack van 'In The Future') vormde een overtuigend orgelpunt van een degelijk, zij het nooit echt meeslepend, optreden. Toch nog maar eens Black Mountain checken in een zaal?
Little Dragon stonden voor een dilemma. Konden ze best hun fel gesmaakte introverte knisperliedjes te brengen? Of was het toch beter om de kaart te trekken van de festivalvriendelijke synthpop die hun recentste album domineert?
Aanvankelijk lieten ze de beslissing nog in het midden. In een mooi zwart-wit gevlekt kleedje met doorzichtig-gele overgooier leek frontvrouw Yukimi Nagano er zin in te hebben. Als ze niet met een tamboerijn aan het schudden was of de drummer een stokje bijstak, liet ze door de microfoon haar tegelijk lieflijke en uitbundige Björkachtige stem horen. Het was moeilijk te geloven dat deze groep zijn naam te danken zou hebben aan de soms onmogelijke buien van dit Zweedse elfje.
Met 'A new' en 'After the rain' bleef het aanvankelijk rustig, maar 'Blinking Pigs' vormde een keerpunt in de set. Het tempo werd opgevoerd, met als resultaat verleidelijke beats die helemaal klonken als het Technicolor hemdje van bassist Fredrik Wallin en het peroxideblonde haar van keyboardspeler Håkan Wirenstrand. De fans van het eerste uur zullen het wel jammer gevonden hebben dat er uiteindelijk geen plaats meer bleek voor een intiem moment en nummers zoals 'Twice'. Maar het publiek ging ondanks de hitte wel voorzichtig aan het dansen, al was dat niet enthousiast genoeg naar de zin van Yukimi. 'Are you too tired to dance or something?', verweet ze het publiek vragend voor het laatste nummer. Yukimi's hint werd begrepen: de danspassen werden alsnog heviger. Het kleine draakje ging uiteindelijk toch nog aan het brullen.
Die van BALTHAZAR zetten je graag op het verkeerde been. Op het podium staan ze gevieren naast elkaar opgesteld, met daarachter 'la batterie'. Voor wie BALTHAZAR nog niet kent, is het dus even zoeken naar de frontman. Maar terwijl dat soms Maarten lijkt te zijn, speelt in een ander nummer dan weer Jinte de hoofdrol. Toch even fronsen. En Nick Balthazar kondigt hen aan als een groep uit Kortrijk, maar noemen ze zichzelf niet een Gentse band? Strooi daar nog eens dat treiterende leitmotivje uit 'Fifteen Floors' over, en je zou gaan denken dat het vijftal erop uit is je te bedotten.
Maar al van bij het begin blijkt hun chaos prettig te zijn. 'Het is vroeg hé!' Meer woorden worden er aan het uur van hun programmering niet vuil gemaakt. En waarom zouden ze ook. Voor het podium staat in geen tijd een grote massa: 2010 is duidelijk het jaar van BALTHAZAR. Of is het toch 2005, toen we voor het eerst van hen hoorden? We durven het ook niet meer te zeggen. Feit is dat ze hun tijd hebben genomen om te groeien, en daar zijn we in instantinternettijden blij om. Het klinkt geweldig en iedereen is meteen mee, inclusief handjesklappen vanaf het derde nummer. Opnieuw verwarring, deze keer bij de security: zoveel enthousiasme, mag dat wel voor 13 uur?
Als ze er dan op de tonen van 'Blood Like Wine' ook nog eens in slagen om ons in volle middagzon het gevoel van een night ride home te geven, is de desoriëntatie compleet. Maar dat geeft niet, het was zelfs absoluut een plezier. Deze worden nog groot. Of zijn ze het al?